Beëindigingsovereenkomst tot stand gekomen zonder handtekening werknemer
Gerechtshof Amsterdam, 25 oktober 2011 - Een purser en haar werkgever onderhandelen over een beëindigingsovereenkomst. Als overeenstemming lijkt te zijn bereikt, krabbelt de werkneemster plots terug.
Zij ondertekent de overeenkomst niet, en schuift een andere vertegenwoordiger naar voren. Als de vliegmaatschappij haar ontslag in lijn met de vaststellingsovereenkomst aanmeldt, vordert de werkneemster voor de rechter wedertewerkstelling. De rechter wijst dit toe. De vliegmaatschappij gaat in hoger beroep. Het Hof houdt de purser aan de vaststellingsovereenkomst, ook al heeft zij die niet ondertekend. Daarbij oordeelt Het Hof dat de werkneemster niet voldoende aannemelijk heeft gemaakt dat ze niet werd vertegenwoordigd door de vakbondsmedewerker die de onderhandelingen over de vaststellingsovereenkomst had gevoerd. Op de vliegmaatschappij rustte onder deze omstandigheden ook geen plicht om te onderzoeken of de vaststellingsovereenkomst wel in overeenstemming was met haar wil.
Bron: XpertHR - Reed Business

